Sinds 1 januari 2015 moeten de stedenbouwkundige vergunningen van het Brusselse Hoofdstedelijk Gewest voldoen aan nieuwe energievoorschriften. Deze gelden vooral voor nieuwe gebouwen en voor “renovaties gelijkgesteld aan nieuwbouw” (dit zijn renovatiewerken die waarbij minstens 75% van de oppervlakte van het gebouw verloren gaat en waarbij ook alle technische installaties moeten worden vervangen).


In een passief of energiearm bouwproject is het de bedoeling om de
verwarmingsvraag te drukken en de isolatie en luchtdichtheid van de woning te verhogen. Dit zorgt voor minder warmteverlies, wat vooral te merken is in de energiefactuur van de bewoner. In het kader van de nieuwe vereisten van de EPB, legt het Brusselse Gewest voor nieuwbouwwoningen vier beperkingen, gekoppeld aan vier verschillende sectoren:

  • een netto energiebehoefte (NEB) van maximaal 15KWh/m²/jaar;
  • een primair energieverbruik (PEV) voor verwarming, sanitair warm water en
    elektrische hulptoestellen van maximaal 45 KWh/m²/jaar;
  • een verwarmingstemperatuur die slechts 5% van het jaar hoger mag liggen dan
    25°C;
  • vanaf 2018 een luchtdichtheid van maximaal 0,6 volume per uur.

Om deze normen te behalen, moeten bouwpromotoren, aannemers en architecten geavanceerde isolatietechieken integreren, en dat vanaf de ontwerpfase van het gebouw. Het gebruik van geavanceerde materialen en technieken brengt een meerkost tussen 10 en 30% met zich mee, wat ze doorrekenen in de aankoopprijs van een nieuw appartement. Dat betekent echter een besparing op de verwarmingsfactuur van meer dan 85%!



Waarom vandaag spreken over de EPB-normen van 2015 terwijl we al in 2018
zijn? Het is de datum van de indiening van de vergunning die bepaalt welke
normen moeten worden gevolgd: een gebouw dat vandaag wordt gebouwd, heeft ongetwijfeld een datum van indiening van de vergunning tussen 2015 en 2018, wat betekent dat het gebouw onderworpen is aan de EPB-eisen van 2015.


EPB passief 2015 en passief niet verwarren!


In 2013 is de Brusselse regering overeengekomen om de nieuwe energienormen
voor 2015 vast te leggen. Oorspronkelijk was het de bedoeling om de passieve
norm op te leggen voor alle nieuwbouwprojecten. Na overleg met de sector, zijn de doelstellingen voor 2015 aangepast om meer rekening te houden met de
kenmerken van het Brusselse gebouwenpark: we praten in Brussel dus niet meer
over “passief”, maar over de normen “EPB passief 2015”. Hoewel deze normen
geïnspireerd zijn op de passieve bouwtechniek, zijn ze soepeler, realistisch en
veel flexibeler in de praktijk. De doorgevoerde wijzigingen draaien vooral over de
keuze van het ventilatiesysteem en het uitstel tot 2018 van de verplichting om een quasi volledige luchtdichtheid te behalen. Wat zijn de verschillen met passieve woningen? Enkele punten:


LUCHTDICHTHEID FACULTATIEF TOT 2018


De EPB-normen 2015 betekenen dat het mogelijk is om, overeenkomstig de
voorschriften voor energieprestatie, gebouwen te bouwen zonder verplicht te zijn
een luchtdichtheid van 0,6 vol/u te behalen. Toch moeten de aannemers
bijzondere aandacht wijden aan de luchtdichtheid, want ze blijft een cruciale en doorslaggevende manier om een goed ‘algemeen’ energieprestatie te behalen.
Toch zal dit geen doel op zich zijn, tot in 2018.


GEEN VERPLICHT “D”-SYSTEEM


De mechanische ventilatie met dubbele luchtstroom en warmterecuperatie (“D-
systeem”) is vandaag het meest efficiënte systeem op de markt. Het onttrekt
warme lucht uit de vochtige kamers (keuken en badkamer) om deze te vervangen
met frisse buitenlucht die vooraf is voorverwarmd door de afvoerlucht, om zo veel mogelijk het warmteverlies te drukken. Dit systeem zal niet door de norm EPB passief 2015 worden opgelegd en er kan dus voor andere technieken worden
gekozen (ventilatie types A, B of C), zolang het primaire energieverbruik niet hoger ligt dan 45 kWh/m2. Vanaf nu zal, als de prestatie van het geïnstalleerde
ventilatiesysteem te laag is, dit moeten worden gecompenseerd door andere
criteria te verbeteren, bijvoorbeeld met een betere thermische isolatie van de
muren of vensters.


AUTOMATISCHE REGLEMENTAIRE AFWIJKING


Als de configuratie van het onroerend goed ongunstig is, dan wordt een
automatische afwijking toegestaan (zonder dat daarvoor toestemming bij de
administratie moet worden aangevraagd). Zo wordt een versoepeling van de
criteria toegestaan voor gebouwen met weinig zonlicht (schaduw of slechte
oriëntering) en/of slechte compactheid.


Hoewel de normen EPB passief 2015 minder strikt zijn dan die van passief
bouwen, blijven ze toch interessant op het vlak van energieverbruik en bieden ze
aan de bewoners van een nieuwe woning die voldoet aan de normen een groter
verlaging in hun energiefactuur.



En in Wallonië?
En omdat we in ons kleine landje graag de zaken gemakkelijk maken, stelt België
een andere waardeschaal voor dan in Wallonië en Brussel! Een overloop type B in Wallonië schommelt tussen de 85 en 170 kWh terwijl in Brussel dit overeenkomt
met een verbruik tussen 45 en 95 kWh. Logisch ;-)!